Ter introductie. Deze foto is gemaakt bij het herstel van de lemen afwerking van de zijmuur van ons huis Plesivecká 115

in Ceský Krumlov (Tsjechië). Het oorspronkelijke woongedeelte bestaat uit een blokhut van gehalveerde boomstammen.

Hiertegen wordt leem, vermengd met hennep, geworpen. Deze laag blijft hangen op de eikenhouten wigjes die

in de dennenstammen geslagen zijn. De laag wordt geëgaliseerd en afgewerkt met een stuclaagje. Ook op het houten plafond

wordt een laag leem aangebracht. In de winter isoleert dit goed en ’s zomers wordt het binnen nooit warmer dan 25 graden.

Het huis is te huur als vakantiewoning (zie Menu).

Mijn belangstelling voor bouwhistorie is ontstaan na mijn middelbare schooltijd, toen ik vrienden had die wat ouder waren

en die een huis restaureerden aan de Oudegracht in Utrecht. Ik heb altijd veel gelezen over onderwerpen op het gebied van

cultuurhistorie en bouwhistorie.  Ik ben altijd in andere sectoren werkzaam geweest, maar toen ik 50 werd in 2004 besloot ik

een opleiding in deze richting te gaan volgen, de post-HBO opleiding Bouwhistorie en Restauratie aan de Hogeschool Utrecht,

opgezet door o.a. Pim Brinkman, architectuurhistoricus, destijds werkzaam bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Werk in het bouwhistorisch onderzoek ligt, net als in de archeologie, niet voor het opscheppen, maar ik vond steeds werk

op projectbasis in de erfgoedsector. Vaak lag dit op het gebied van digitale cultuurhistorische waardenkaarten. Ik heb veel

gefotografeerd en ook een behoorlijke kennis opgedaan over de historische, institutionele en fysische geografie, de stedenbouw

en dorpsontwikkeling in de stad en de provincie Utrecht. Ik kan werken met geografische informatiesystemen. Daarnaast deed

ik in op opdracht of in eigen beheer onderzoek. Dit laatste geldt o.a. voor de drie grote onderzoeken die ik gedaan heb, mijn

afstudeerskriptie over de Sionkameren (gesticht in 1510) in Utrecht, het onderzoek aan de St. Nicolaaskerk in Holostrevy

in Tsjechië (begonnen als stenen versterking rond 1150) en het onderzoek aan de boerderij Het Honderd in Nieuwer ter Aa

(oorspronkelijk gebouwd als boerderij annex schuilkerk in 1580). Vanaf eind 2016 maak ik regelmatig in opdracht van

Hylkema Consultants in Utrecht bouwhistorische verkenningen gemaakt aan 19e-eeuwse panden. Ik houd mij dus ook bezig

met de zogeheten Jongere Bouwkunst.

Literatuuronderzoek, veldonderzoek en archiefonderzoek vormen steeds de drie componenten van mijn projecten. Oud schrift,

eventueel in het Latijn, kan ik lezen en ik ben bedreven in het vinden van informatie in archieven en op internet.

Veldwerk blijf ik het leukst vinden. Door het onderzoek aan de boerderij in Nieuwer ter Aa kwam ik in aanraking met

het fenomeen ‘stenen kamer’. Het gaat hier om laatmiddeleeuwse bouwwerken die oorspronkelijk bestonden uit een houten

vakwerkboerderij met een aangebouwd stenen gebouw, dat een bijzondere functie had, zoals herenkamer of rechthuis.

Het stenen deel is vaak bewaard gebleven, terwijl de eigenlijke boerderij later ook versteend is. Zie het schilderij ‘De volkstelling

in Bethlehem’ van Brueghel. In 2015 heb ik college gelopen aan de Archeologische Faculteit in Leiden en ik ga mij in 2017 verder

verdiepen in het determineren van aardewerk volgens het Deventer systeem en zogeheten bouwoffers, rituele deposities bij

de bouw of verbouwingen van een huis, zoals ik die heb aangetroffen in ons huis in Ceský Krumlov en de boerderij in

Nieuwer ter Aa.