Over mijzelf

Ter introductie. Deze foto is gemaakt bij het herstel van de lemen afwerking van de zijmuur van ons vroegere (2000-2017)

huis Plesivecká 115 in Ceský Krumlov (Tsjechië). Het oorspronkelijke woongedeelte bestaat uit een blokhut van gehalveerde

boomstammen. Hiertegen wordt leem, vermengd met hennep, geworpen. Deze laag blijft hangen op de eikenhouten wigjes

die in de dennenstammen geslagen zijn. De laag wordt geëgaliseerd en afgewerkt met een stuclaagje. Ook op het houten

plafond wordt een laag leem aangebracht. In de winter isoleert dit goed en ’s zomers wordt het binnen nooit warmer dan

25 graden.

Mijn belangstelling voor bouwhistorie is ontstaan na mijn middelbare schooltijd, toen ik vrienden had die wat ouder

waren en die een huis restaureerden aan de Oudegracht in Utrecht. Ik heb altijd veel gelezen over onderwerpen

op het gebied van cultuurhistorie en bouwhistorie.  Ik ben altijd in andere sectoren werkzaam geweest, maar toen ik 50

werd in 2004 besloot ik een opleiding in deze richting te gaan volgen, de post-HBO opleiding Bouwhistorie en Restauratie

aan de Hogeschool Utrecht, opgezet door o.a. Pim Brinkman, architectuurhistoricus, destijds werkzaam bij de Rijksdienst

voor het Cultureel Erfgoed. Werk in het bouwhistorisch onderzoek ligt, net als in de archeologie, niet voor het opscheppen,

maar ik vond steeds werk op projectbasis in de erfgoedsector. Vaak lag dit op het gebied van digitale cultuurhistorische

waardenkaarten. Ik heb veel gefotografeerd en ook een behoorlijke kennis opgedaan over de historische, institutionele en

fysische geografie, de stedenbouw en dorpsontwikkeling in de stad en de provincie Utrecht. Ik kan werken met geografische

informatiesystemen. Daarnaast deed ik in op opdracht of in eigen beheer onderzoek. Dit laatste geldt o.a. voor de drie grote

onderzoeken die ik gedaan heb, mijn afstudeerskriptie over de Sionkameren (gesticht in 1510) in Utrecht, het onderzoek

aan de St. Nicolaaskerk in Holostrevy in Tsjechië (begonnen als stenen versterking rond 1150) en het onderzoek aan de

boerderij Het Honderd in Nieuwer ter Aa (oorspronkelijk gebouwd als boerderij annex schuilkerk in 1580). Vanaf eind 2016

maak ik regelmatig in opdracht van Hylkema Erfgoed te Utrecht bouwhistorische verkenningen gemaakt aan 19e-eeuwse

panden. Ik houd mij dus ook bezig met de zogeheten Jongere Bouwkunst.

Literatuuronderzoek, veldonderzoek en archiefonderzoek vormen steeds de drie componenten van mijn projecten.

Oud schrift, eventueel in het Latijn, kan ik lezen en ik ben bedreven in het vinden van informatie in archieven en op internet.

Veldwerk blijf ik het leukst vinden. Door het onderzoek aan de boerderij in Nieuwer ter Aa kwam ik in aanraking met

het fenomeen ‘stenen kamer’. Het gaat hier om laatmiddeleeuwse bouwwerken die oorspronkelijk bestonden uit een houten

vakwerkboerderij met een aangebouwd stenen gebouw, dat een bijzondere functie had, zoals herenkamer of rechthuis.

Het stenen deel is vaak bewaard gebleven, terwijl de eigenlijke boerderij later ook versteend is. Zie het schilderij

‘De volkstelling in Bethlehem’ van Brueghel. In 2015 heb ik college gelopen aan de Archeologische Faculteit in Leiden en

in 2016 en 2017 heb ik mij verdiept in het determineren van aardewerk volgens het Deventer systeem en zogeheten

bouwoffers, rituele deposities bij de bouw of verbouwingen van een huis, zoals ik die heb aangetroffen in ons huis in 

Ceský Krumlov en de boerderij in Nieuwer ter Aa.